In welke taal moeten werkinstructies staan? De Belgische taalgebieden
Bijgewerkt Feiten per september 2026
Kort antwoord
In België bepaalt het taalgebied van de exploitatiezetel de taal: Nederlands in het Nederlandse taalgebied, Frans in het Franse, Duits in het Duitse en in Brussel Nederlands of Frans volgens de taal van de werknemer. Voor wie een andere taal leest, mag je een vertaling toevoegen. Die vervangt nooit de verplichte versie.

De exploitatiezetel is bepalend
België heeft vier taalgebieden. Elke gemeente behoort tot precies één daarvan. De Grondwet geeft de gemeenschappen de bevoegdheid om het taalgebruik in arbeidsrelaties in het Nederlandse en het Franse taalgebied bij decreet te regelen. Voor Brussel-Hoofdstad, het Duitse taalgebied en de gemeenten met taalfaciliteiten blijft de federale wetgeving bevoegd.
Welke regel voor je geldt, hangt af van de ligging van de exploitatiezetel: een bedrijfszetel met een zekere bestendigheid waaraan de werknemer verbonden is, doorgaans de plaats waar die instructies krijgt. Het adres van de hoofdzetel doet er niet toe. Een winkelketen met hoofdzetel in Brussel en winkels in Gent, Namen en Eupen heeft drie taalregimes, één per winkel.
Deze gids behandelt alleen de taalregels. Wat de instructie moet bevatten en wanneer je ze moet geven, lees je in wat de Belgische en Nederlandse wetgeving verlangt van werkinstructies. De regels hieronder gelden in september 2026.
Per taalgebied
| Gebied | Rechtsgrond | Verplichte taal voor personeelsdocumenten | Vertalingen |
|---|---|---|---|
| Nederlandse taalgebied | Vlaams taaldecreet van 19 juli 1973 (het Septemberdecreet) | Nederlands, voor mondelinge en schriftelijke betrekkingen en voor documenten bestemd voor het personeel | Toegestaan. Verplicht voor berichten, mededelingen, akten en formulieren als de personeelssamenstelling dit rechtvaardigt en de werknemersvertegenwoordigers erom vragen |
| Franse taalgebied | Decreet van de Franse Gemeenschap van 30 juni 1982 | Frans | Toegestaan, in een taal die de partijen kiezen |
| Brussel-Hoofdstad (19 gemeenten) | Gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 op het gebruik van de talen in bestuurszaken | Nederlands voor Nederlandstalige werknemers, Frans voor Franstalige werknemers | Toegestaan als de personeelssamenstelling dit rechtvaardigt |
| Duitse taalgebied | Dezelfde gecoördineerde wetten | Duits | Toegestaan als de personeelssamenstelling dit rechtvaardigt |
| Gemeenten met taalfaciliteiten | Dezelfde gecoördineerde wetten | Nederlands in het Vlaamse Gewest en rond Brussel, Frans in het Waalse Gewest | Toegestaan als de personeelssamenstelling dit rechtvaardigt |
Voor een verplichte vertaling in het Nederlandse taalgebied geldt een vaste volgorde: een eenparig verzoek van de werknemersleden van de ondernemingsraad; zonder ondernemingsraad, een eenparig verzoek van de vakbondsafvaardiging; zonder beide, een verzoek van een afgevaardigde van een representatieve vakorganisatie. Welke vertaling je ook toevoegt, de Nederlandse versie heeft voorrang.
Wat onder de taalregel valt
In het Nederlandse en het Franse taalgebied gelden de decreten voor de 'sociale betrekkingen': individuele en collectieve contacten tussen werkgever en werknemers die rechtstreeks of onrechtstreeks verband houden met de tewerkstelling, zowel mondeling als schriftelijk. Beschouw schriftelijke werkinstructies, veiligheidsregels, onthaalmateriaal en opleidingsmodules die je aan werknemers geeft als documenten bestemd voor het personeel. Ze vallen onder de taalregel.
De sanctie is nietigheid. In het Nederlandse en het Franse taalgebied is een document dat de regel schendt nietig. Het Vlaamse taaldecreet bepaalt dat die nietigheid de werknemer niet mag benadelen. Het praktische risico ligt daardoor bij de werkgever: je kunt je niet op een veiligheidsregel beroepen tegen de werknemer, juist wanneer je moet aantonen dat je die regel hebt meegedeeld. Sinds 2014 laat het Vlaamse taaldecreet in grensoverschrijdende situaties een rechtsgeldige versie van een individuele arbeidsovereenkomst in een andere EU-taal toe. Die uitzondering betreft contracten, geen instructies op de werkvloer.
Wat de welzijnswetgeving daarnaast verlangt
De taalwetgeving bepaalt welke versie moet bestaan. De welzijnswetgeving vraagt of de instructie de persoon bereikt. De Codex over het welzijn op het werk verlangt voldoende en passende opleiding voor de werkpost of functie van elke werknemer. Alleen werknemers die passende instructies hebben gekregen, mogen zones met ernstige en specifieke gevaren betreden. Een Nederlandse instructie voor een operator die Roemeens leest, voldoet aan de eerste wetgeving, maar is moeilijk te verdedigen onder de tweede.
Voor een vestiging in Vlaanderen met een meertalige ploeg bestaat de volledige oplossing dus uit twee lagen: de Nederlandse versie die het decreet oplegt en een vertaling in de taal die elke werknemer leest. Nederland kent geen vergelijkbare taalwetgeving voor arbeidsrelaties. Daar geldt alleen de toets van de Arbowet, art. 8, en het Arbobesluit, art. 7.11a: de instructie moet de werknemer in begrijpelijke vorm bereiken.
Wat automatische vertaling mag vervangen
Automatische vertaling is een toegestane manier om de aanvullende vertaling te maken. Ze verandert niets aan de wettelijk verplichte taalversie.
Automatische vertaling gebruiken binnen de taalregels
- Gebruik de versie in de verplichte taal van het taalgebied als bronversie die je onderhoudt en actueel houdt
- Bied de vertaling aanvullend aan, nooit in plaats van de verplichte versie
- Zorg dat beide dezelfde versie weergeven: een vertaling van de procedure van vorige maand is een andere instructie
- Laat iemand die de taal leest formuleringen met een juridische verplichting, ontkenningen en drempelwaarden controleren
- Bepaal bij een Brusselse vestiging eerst per werknemer de verplichte taal, Nederlands of Frans, voordat je een derde taal toevoegt
Waarom opleiding in de taal van elke werknemer nodig is en waar een machine tekortschiet, lees je in opleiden in de taal van elke werknemer.
Hoe Aristotl dit aanpakt
In Aristotl schrijf of importeer je elke cursus één keer, in de taal die het taalgebied van je vestiging oplegt. Die bronversie onderhoud je. Elke werknemer leest vervolgens op de telefoon een vertaling van de actuele bronversie in de eigen taal. Zo lopen de Nederlandse of Franse versie en de Poolse of Roemeense versie niet uiteen. Je ziet welke talen klaarstaan voordat iemand instructies krijgt. In het platform kun je per vestiging en versie zien welke cursussen zijn afgerond.
Breng je exploitatiezetels per taalgebied in kaart. Controleer voor elke zetel of alle instructies voor het personeel in de verplichte taal bestaan en of de vertalingen die je ploegen daadwerkelijk lezen dezelfde versie weergeven.
Bronnen
- Decreet van 19 juli 1973 tot regeling van het gebruik van de talen voor de sociale betrekkingen tussen de werkgevers en de werknemers (Belgisch Staatsblad)
- Taalwetwijzer, Vlaamse overheid: het taaldecreet
- FOD Werkgelegenheid: taalgebruik in de sociale betrekkingen tussen werkgever en werknemer
- SPF Emploi: taalgebruik in de sociale betrekkingen (décret du 30 juin 1982, lois coordonnées du 18 juillet 1966)
- Codex over het welzijn op het werk (FOD Werkgelegenheid)
Veelgestelde vragen
Lees verder
Opleiding in de taal van elke medewerkerOpleiding in de taal van elke medewerker vanuit één mastertekst: wat VCA, IFS, de Codex en het Arbobesluit verwachten, en waar automatische vertaling niet volstaat.Gids · 4 min lezen
Wat de Belgische en Nederlandse wet eisen van werkinstructiesGids · 5 min lezen
Uitzendkrachten onthalen vóór de eerste shiftGids · 9 min lezen
Onthaal van de nieuwe werknemer (Codex I.2-11 / I.2-15)Woordenlijst · 2 min lezen
Wat is een werkpostfiche?Woordenlijst · 2 min lezen
